WIJ GINGEN ARABIEREN VOOR IN CULTUURIMPERIALISME

   Frits Bolkestein pleit (Forum 24 april) voor meer burgermoed als ant­woord op intimidatie van fundamentalistisch-islamitische zijde. Ofschoon zijn angst voor het gevaar dat daarvan voor onze samenle­ving uitgaat, wat overtrokken is, roept hij terecht op tot een meer zelfbewuste verdediging van westerse waarden en hekelt hij de lafheid van veel politici. De Deense cartooncrisis liet inderdaad een ontstellend gebrek aan solidari­teit zien, waarbij overigens juist Bush en Blair voorop liepen in moreel duikge­drag - eensdeels met het oog op hun troepen in de Irakese vuurlinie, andersdeels omdat ook zij met het bespotten van religieuze rariteiten weinig op hebben: zeker voor veel Amerikanen geldt dat je nog beter vroom in het foute geloof kan zijn dan godsloochenaar en blasfemist.
   Ook de Nederlandse overheid lijkt in de kwestie-Wilders vanuit een verkeerd pragmatisme de koers te bewande­len dat vooral geen aanstoot gegeven mag worden, omdat anders onze handelsbelangen gevaar zouden kunnen lopen. Dat Buitenlandse Zaken de ambassadeur van een barbaars land als Saoedi-Arabië, dat geen enkele godsdienstvrijheid kent, niet in de meest krachtige bewoordin­gen de deur heeft gewezen toen die zich kwam beklagen over de vermeende krenking van moslims, is veelzeggend. Bolkestein refereert in dit verband ook aan de bespottelijke eis van een Koeweiti dat zijn geloofs­genoten voortaan zouden moeten controleren wat Deense schoolkinderen over Mohammed leren.
   Tot zover kan men met Bolkesteins betoog instemmen, maar daarop volgt een vanuit historisch oogpunt werkelijk verbijsterende opmer­king: "Het waren ongehoorde inmengingen in de interne zaken van een ander land". Of­schoon wij deze inmengingspoging natuurlijk op geen enkele wijze moeten tolereren, moet toch één ding duidelijk zijn: 'onge­hoord' is zij niet. Het Westen doet elders sinds een eeuw of twee niets anders, bijvoorbeeld vandaag in Irak en Afghanistan. Een militaire inval gaat als vorm van inmenging immers nog wel heel wat verder dan wat welke doorgeslagen moslimfanaat thans ook in Europa uitprobeert. Of kijk naar het verleden: het Westen heeft de Arabische wereld de afschaffing van de slavernij opge­drongen, later een minimum aan mensen­rechten, en Bush wilde dat recent ook met de democratie nog doen. Hoe nobel zulke doel­stellingen ook mogen wezen, zij waren en zijn in de ogen van de betrok­ken Arabie­ren natuurlijk een vorm van 'ongehoor­de inmen­ging in de interne zaken van een ander land'.
   Alle persoonlijke sympathie voor kamp X of Y buiten beschouwing latend, moet een histori­cus hier nuchter concluderen dat de moslimwereld nu, vanuit een underdog­-positie ten opzichte van de overweldigende wester­se dominantie, het Westen een heel klein beetje met gelijke munt terugbe­taalt. Voor deze poging tot Arabisch cultuurimperialis­me moeten wij uiteraard niet capitule­ren, maar zij zou wel tot praktische bezinning moeten manen: want onze opdringerige export van westerse waarden roept ginds, omdat zij niet van westerse belangen los zijn te zien, veelal soortgelijke weerstand op.
   Cruciaal is namelijk dat de universele waarden waar Bolkestein voor staat helaas helemaal niet universeel zijn. Het zou mooi zijn als ze het ooit worden, maar ze zijn nu het product van de westerse samenleving in een bepaald ontwikkelingsstadium. Zij zijn wat het Westen leefbaarder maakt dan de rest van de wereld, en die de grondslag vormen voor onze welvaart, die niet van onze vrijheid is los te zien. Die welvaart oefent, getuige de huidige mondiale migratiestromen, begrijpelijkerwijs ook een grote aantrek­kingskracht op moslims uit.
   Daarbij claimen sommige van hun woordvoer­ders na migratie ook voor zich als groep de vrijheid die westerse landen hun inwoners bieden om zichzelf te blijven, wat betekent dat onze indivi­du­eel bedoelde vrijheid als collectie­ve vrijheid wordt gehan­teerd, wat vaak een beperking van de individuele vrijheid bínnen dat collectief impliceert. Ons individuele vrijheidsconcept houdt geen rekening met de sterke interne groepsdwang die eigen is aan de patriarchale samenle­ving waaruit veel moslimmigranten stammen: het recht om als gelovig moslim jezelf te zijn behelst voor een fundamentalist ook het recht tot onderdrukking van zijn vrouw. In patriar­chale samenlevingen ben je namelijk niet een vrij individu, maar eigendom van je familieclan.
   Om die voor sociaal-culturele spanningen zorgende migratiestromen richting Europa, dan wel de mede uit vernedering en verbittering over de achter­lijkheid van de eigen Arabische samenleving voortvloeiende haat jegens het ongelovige Westen te verminderen, is het nodig dat het in de Arabische wereld wezenlijk beter gaat. Lees: dat zij sterk moderniseert, wat in de praktijk betekent: dat zij sterk verwestert.
   Het punt is echter dat er een duidelijke samenhang bestaat tussen onze wel­vaart en onze individu­ele vrijheidsopvat­ting, maar dat die samen­hang door veel orthodoxe mos­lims niet wordt onderkend, of tenmin­ste niet wordt geaccep­teerd. En juist naarmate hun slacht­offergevoel toeneemt, klampen zij zich destemeer aan een archaïsch wereldbeeld vast. De bedoelde maat­schappelijke moder­nisering vergt namelijk ook een mentale modernisering die veel Arabieren feitelijk dwingt tot het opgeven van een wezenlijk deel van hun identiteit. Dat is, en dat is het kernpro­bleem waarvoor we ginds staan, tegelijk zowel vol­strekt noodza­ke­lijk als vol­strekt onmoge­lijk.

Thomas von der Dunk, 28 april 2007